GESCHIEDENIS

Argos werd in 1989 opgericht met als doel het stimuleren en promoten van audiovisuele kunst. Op dit ogenblik is het kunstencentrum het referentiepunt ten lande voor dit type van artistieke bezigheden.


1989 - 1994

Gedurende de eerste periode in haar bestaan concentreert de organisatie zich op het tentoonstellen van een brede verscheidenheid aan werken afkomstig uit eigen land. In 1990 begint Argos met het organiseren van festivals in Antwerpen, Brussel en Leuven, en dit rond de films en video's gerealiseerd door Jean-Luc Godard in de jaren '80. Hierop volgt in 1991 'Dancing Images', een festival dat plaatsvindt in dezelfde steden, maar nu rondom de relatie tussen film/video en dans. Vanaf 1992 organiseert Argos een hele reeks van thematische programma's in de overgrote meerderheid van de Belgische kunstcentra. Naast het op poten zetten van screenings, fungeert Argos eveneens als distributeur. Daarbij worden werken verspreid naar (voornamelijk) buitenlandse festivals, cultuurcentra, musea en televisienetwerken.


1994 - 1996

Aangezien er tot zover niet zoiets bestond als staatssubsidies voor het bemiddelen – een typisch niet-commerciële taak – nam Argos dit voor eigen rekening, wat al snel resulteerde in een deficit. In 1994 kent de Vlaamse Gemeenschap voor het eerst een operationele subsidie toe, waardoor Argos kan beginnen met haar schulden af te bouwen.


1996 - 1999

De realisatie van een heus centrum krijgt vorm in 1996 wanneer Argos onderdak vindt in het galerijencomplex Kanal 20, een pand gesitueerd aan het kanaal te Brussel. Hier starten we met het tentoonstellen van video- en multimedia-installaties in onze eigen ruimte. De eerste presentatie is 'Eclipse' van de Antwerpse artieste Anne-Mie van Kerckhoven, gevolgd door projecten van Koen Theys, Richard Venlet, Gary Hill, Pascal Baes, Georges Bures Miller, Frank Theys, David Claerbout en vele anderen.

In 1997 worden met enorm succes de eerste ‘Argos Information Days’ gehouden. Dit 'Argosfestival-avant-la-lettre' biedt jaarlijks een overzicht van films en video's van de hand van Belgische artiesten. Het evenement loopt tot in 2001, waarna het wordt geïncorporeerd als ‘Belgian Focus’ sectie binnen het ‘Argosfestival’ dat datzelfde jaar van start gaat.

In 1999 verhuist Argos naar de eerste verdieping van een oud warenhuis aan het Saincteletteplein. Met een oppervlakte van 500 vierkante meter, waarvan er 300 uitsluitend dienen als tentoonstellingsruimte, kan Argos functioneren op een uitdagend, internationaal en logistiek geschikt niveau. De ruimte wordt in de eerste plaats gebruikt voor solotentoonstellingen; over het algemeen projecten die gecoproduceerd worden door Argos. Artiesten die te zien zijn tijdens deze periode zijn onder andere Jan De Cock, Jayce Salloum, Heinz Emigholz en Joëlle Tuerlinckx.


2000

Het videopreservatieproject wordt opgestart. Het eerste project omvat meer dan 100 titels waaronder een aanzienlijk deel Belgische werken uit de jaren 1970. Dit is het startschot voor een inspanning tot preservatie dat zal uitgroeien tot een project van meer dan 3000 titels. Argos begint eveneens met het maken van eigen publicaties, een activiteit die in de loop der jaren resulteerde in zo'n twintig catalogi en een aantal beperkte en audiovisuele edities.


2001 - 2002

Argos' eerste verdieping wordt gerenoveerd. Architecten Kris Kimpe en Bruno Poelaert ontwerpen een publieke mediabibliotheek en de Black Box, een aparte projectplaats waarin videoprojecties en lezingen kunnen plaatsvinden. Op hetzelfde moment wordt er ook een klimaatsgecontroleerde archiefruimte ingericht. In 2002 realiseert de Franse artiest Mathieu Mercier een geïntegreerd kunstproject voor de glazen scheidingsdeuren/muren van de mediabibliotheek. Datzelfde jaar zet Argos een workshop op in een afzonderlijk gebouw aan de overkant van de kantoren, waar artiesten terecht kunnen voor ondersteunende faciliteiten.


2001 -2005

Gedurende vijf volledige jaren biedt het ‘Argosfestival’ een platform aan verschillende vormen van artistieke expressie binnen het domein van de audiovisuele media. Met gemiddeld tien locaties omspant het festival de hoofdstad. Er is een wijde waaier aan activiteiten: tentoonstellingen, film en videopresentaties, concerten, interventies in de publieke ruimte, lezingen en symposia. Op het einde van 2005 wordt besloten het festival tot een einde te brengen en het programma te spreiden over het ganse jaar in plaats van over tien dagen. Omwille van deze reden wordt een uitbreiding van het pand gepland, samen met andere verbeteringen. Tijdens datzelfde jaar engageert Argos zich in de 'Ecran d'art' reeks, een maandelijkse screening van kunstenaarsfilms en/of -video's, een samenwerking tussen Argos en Cinéma Arenberg. Eveneens in 2005, wordt Cera mecenas van Argos en kent het fonds een subsidie toe voor de komende drie jaar. Hiermee dient de bibliotheek uitgebreid te worden en, meer in het bijzonder, een online representatie van de collectie tot stand te komen.


2006

Op 1 januari wordt Argos opgenomen in het Kunstendecreet, een nieuwe subsidiewetgeving die steun biedt aan de emancipatie van alle kunstdisciplines en fondsen voorziet voor verscheidene jaren. Argos wordt bij deze erkend als een kunstencentrum. Hierdoor komt er een eind aan meer dan tien jaar van eenjarige subsidies of bijdragen voor projecten in het kader van allerlei kleinere subsidieregelingen, althans op het niveau van de Vlaamse Gemeenschap. Op het einde van 2006 onderneemt Argos een groots renovatieplan. Het gelijkvloers wordt uitgebreid met een extra 500 m², waardoor de totale oppervlakte aan tentoonstellingsruimte uitgroeit tot meer dan 800 m². Het krijgt een nieuwe bestemming als ontvangstruimte plus – hoofdzakelijk – tentoonstelling- en presentatieruimte. Het nieuwe gelijkvloers, dat een mooie aanvulling vormt op de reeds bestaande expositieruimte op de eerste verdieping, kan plaats bieden aan grote groep- of solotentoonstellingen, alsook aan lezingen, performances, screenings en muziekevenementen.


2007 - 2008

De uitgebreide publieksruimtes worden overvloedig gebruikt. Verscheidene groepstentoonstellingen worden voorgesteld, en ook een aantal individuele projecten. Op donderdagavonden vinden er in de foyer lezingen plaats, concerten en andere presentaties. Op het einde van 2007 vindt ‘Open Archive’ plaats, een grootschalig programma met een klemtoon op evenementen, dat gebruik maakt van de Argoscollectie voor uiteenlopende presentaties, lezingen, symposia of performances. Het vierdaagse evenement ‘FRONT-end’, dat plaatsvindt in september 2008, lanceert de online catalogus van de mediabibliotheek.


2009 - 2010

In de loop van 2009 vinden bij Argos verschillende thematische tentoonstellingen en solotentoonstellingen plaats terwijl extra muros actief wordt samengewerkt met zowel internationale partners als met partners in de stad, zoals onder meer het nabijgelegen Kaaitheater en het KunstenFestivaldesArts. In de herfst van 2009 nodigt Argos vijf artiesten en collectieven uit, afkomstig vanuit zeer uiteenlopende achtergronden, om na te denken over hun positie als artiest in de samenleving van vandaag. Na een jaar lang durend werkingsproces dat functioneert als een open platform, presenteren de deelnemende artiesten en collectieven een reeks van publieke programma's genaamd Salon5; dit is een ongewone combinatie van uitstapjes buiten Brussel met screenings, picnics, begeleide bezoeken, performances, wandelingen en lezingen.

Terwijl de collectie van Argos gestaag blijft groeien, vindt eind 2010 een tweede editie van Open Archive plaats. Andermaal worden vanuit de collectie discursieve trajecten geput die aanleiding geven tot tentoonstellingen, presentaties en lezingen, symposia en performances. Daartoe wordt de benedenruimte blijvend omgevormd tot een aangename bar- en ontmoetingsruimte waar onder meer ook Argos’ publicaties raadpleegbaar zijn.


2011 - 2013

De collectie komt centraal te staan voor de organisatie. Zo worden bepaalde thematische lijnen of oeuvres in de collectie verder uitgediept en vervolledigd. Door middel van tentoonstellingen en projecten intra en extra muros wil Argos haar collectie dynamiseren en articuleren als een voortdurend evoluerend geheel. Naast de meer flexibele werking als kunstencentrum wil Argos volledig haar rol als collectiebeherende erfgoedinstelling opnemen.

In het najaar van 2011 werft Argos een collectiebeheerder aan en wordt er een overgang gemaakt van een tweehoofdige directie naar een algemeen directeur.

Terwijl in 2011 een eerste keer wordt samengewerkt met Erfgoeddag, starten de Europese Commissie en het DCA consortium – incluis 25 partnerinstituties van 10 EU partners en de twee verbonden landen Kroatië en IJsland – in januari 2011 officieel het Digitising Contemporary Art (DCA) project. Argos is content provider voor het DCA project, dat de bedoeling heeft de online zichtbaarheid van hedendaagse kunst te verbeteren daar het een essentiële uitdrukking en een onschatbare bouwsteen vormt van de Europese cultuur. Het project wil eveneens de interesse van het grote publiek wekken door middel van een sterkere aanwezigheid van hedendaagse kunst in het Europeana portaal, het enige toegangspunt tot Europa's culturele erfgoed. Het DCA project loopt tot en met juli 2013 en draagt ook bij tot de reflectie over en het ontwikkelen van nieuwe strategieën omtrent de preservatie op lange termijn van hedendaags artistiek erfgoed. In functie van het DCA project vult Argos haar collectie verder aan, terwijl de gedigitaliseerde audiovisuele informatie online beschikbaar wordt. Daartoe vernieuwt Argos ingrijpend haar website tot een discursief online platform.